Donderdag 05 maart 2009 | Redactie Wereldjournalisten
"De huizen waren vrijwel allemaal in Italiaanse stijl gestoffeerd.
Na een tijd ging ook het tapijt eruit en kwamen er plavuizenvloeren in. De donkere, statige meubels met grote vitrines in de woonkamer kwamen rechtstreeks uit Italië. Rijk gedrapeerde gordijnen en gobelins hingen in de zitkamer, samen met religieuze attributen, grotendeels van padre Pio en vooral veel Madonna’s. In de vitrines stonden kleine voorwerpen in Capodimonte- of Louis XIV-stijl"....
Deze citaten gaan niet over Napels of Palermo, maar over de Poelenburg in Zaandam. ADM huisvestte daar in de jaren zestig de door hen geworven Italianen. Het boek "de Spaghettiflat" vertelt in woord en beeld de geschiedenis van deze Italianen én van de samenleving waarin ze woonden.
Hoe ben je op het idee van het boek gekomen?
Een paar jaar geleden ontmoetten Tonino Boniotti en ik Francesco Pepe, die zelf als kind in Poelenburg gewoond had. Hij vertelde ons zijn geschiedenis en de geschiedenis van die flat vol Italianen. Wij zijn van oorsprong televisiemakers en we vonden het een mooi onderwerp voor een documentaire. Uit films kennen we allemaal wel de beelden van complete Italiaanse buurten in Amerika. Dat zo'n buurt ook in Nederland, letterlijk 'om de hoek' bestond wisten wij niet en is bij veel Nederlanders ook onbekend. We wilden meteen een documentaire maken over dit 'little Italy' in de polder.
Die documentaire is er gekomen, maar terwijl we bezig waren merkten we dat er nog veel meer informatie was en dat die ook in een andere vorm gepresenteerd zou kunnen worden: een boek en een (digitale) tentoonstelling. Het boek is nu klaar; aan de digitale tentoonstelling wordt nog gewerkt in samenwerking met het IISG.
Het boek vertelt eigenlijk alleen de geschiedenis van een kleine groep Italianen. Er zijn veel meer groepen met een vaak heel andere migratie-achtergrond. Ga je die nu ook beschrijven?
Nee, dat heb je mis. Het gaat niet alleen over die groep Italianen, maar het is een tijdsbeeld. Een beeld dat ook veel andere migrantengroepen zullen herkennen en waarschijnlijk ook veel Nederlanders. Het gaat niet alleen over die groep Italianen in Zaanstad, maar ook over de opbouw van de samenleving in die tijd.
Ik heb wél de smaak van geschiedschrijving te pakken gekregen. Zeker als het om vergeten verhalen gaat. Mijn volgende project gaat over de rol die migranten hebben gespeeld in de Nederlandse vakbeweging. Mensen als Lino Calle, Gino Scalzo en Talip Demirhan bijvoorbeeld.
Vorige maand verscheen een boek over de geschiedenis van een andere Zuideuropese groep, de Slovenen. Toeval?
Ja en nee. De ideeën zijn los van elkaar onstaan, de boeken hebben ook een iets ander karakter en ze hebben verschillende uitgevers. Wel heeft het IISG ons beiden ondersteund en geadviseerd. Maar ik denk dat de voornaamste reden voor het min of meer gelijktijdig uitkomen is dat er inmiddels een generatie hoger opgeleide Zuideuropeanen in Nederland woont die nieuwsgierig is naar de geschiedenis van hun landgenoten en daar ook trots op is. En een andere reden is dat zij ontevreden zijn over de verenging van het debat
over de multiculturele samenleving tot een debat over de islam, en over de toonzetting van dat debat.
Met onze boeken en films willen we laten zien dat er ook andere groepen zijn en dat die groepen een bijdrage hebben geleverd aan het succes van Nederland in de afgelopen decennia én een positieve bijdrage hebben geleverd in cultureel, economisch en uiteraard culinair opzicht.