Maandag 07 februari 2011 | Redactie Wereldjournalisten | Reacties: 1
In het nieuwe onderdeel ‘Een neger omdat het moet’ ging verslaggever Rutger Castricum vorige week op zoek naar Surinamers, Marokkanen, Antillianen en Turken die ‘ergens een mening over hebben. Het item was bedoeld als satire op de de ‘bespottelijke’ eis van het ministerie van OCW dat programma’s een representatie van de samenleving moeten bieden.
Presentator Dominique Weesie zei in de uitzending dat zijn programma elf procent ‘allochtone deskundigen’ op moet voeren. “Dat neigt naar etnische registratie.
De NPO wil niet bevestigen dat er daadwerkelijk geturfd zou worden hoeveel experts van allochtone afkomst optreden in programma’s. Wel verwijst ze naar de prestatieovereenkomsten 2010-2015 waarin staat dat in 2015 “de representatie van vrouwen en allochtonen op de gezichtsbepalende televisieprogrammakanalen verbeterd” moet zijn. De prestaties moeten nageleefd worden op straffe van boetes van 135.000 tot 500.000 euro
Daarbij worden echter geen objectuieve criteria genoemd, in ieder geval niet als het gaat om netnische diversiteit.
Als er inderdaad een minimum-eis bestaat dan moeten omroepen er nog hard aan trekken. Bij de recente telling van talking heads die Beerekamp deed bij de publieke omroep (september-november 2010) stonden slechts drie ‘Surinamers’ en twee ‘Marokkanen’ bij de eerste honderd, en geen Turk of Antilliaan. Het gaat om de Kamerleden Kathleen Ferrier, Ahmed Marcouch en Tofik Dibi, televisiemaker Prem Radhakishun en advocaat Gerard Spong.
Enerzijds is de eis niet bespottelijk; gemakzucht kan ertoe leiden dat alleen autochtonen gekozen worden gezien de verhouding van beschikbaarheid. Anderzijds is ze dat wel omdat ter zake deskundig een neutrale proffesionaliteit vereist. Dus zou de afkomst niet uit hoeven maken. De vraag is interessanter waarom televisieland zo autochtoon is, terwijl er in filmland en schrijfland parels rondlopen.